Top
Real Madrid-Ajax

Verdachte Cruijff, Johannes Hendrikus

madridajax“Natuurlijk zullen we zorg besteden aan hun gevaarlijke accenten. Maar we willen ons eigen spel spelen. Niet arrogant, maar met de borst vooruit. Die kwaliteiten hebben we.” Aldus Frank de Boer na de topper tegen FC Twente afgelopen zaterdag. Ik merk dat ik goedkeurend knip en bedenk me dat ‘we’ vanavond in Madrid zeker niet ons in moeten graven tegen Real. Nee, ingraven en ons aan de tegenstander aanpassen is een tactiek die absoluut niet des-Ajax is en die er na de wedstrijd vorig seizoen voor heeft gezorgd dat Johan Cruijff zijn fluwelen revolutie begon.

Uiteraard heb ik de laatste dagen weer een groot aantal verwijzingen gezien naar die andere wedstrijd in Madrid, toen het gouden Ajax in 1995 onder Louis van Gaal die klanten volledig van de mat speelden en het precies andersom ging; tientallen kansen en slechts twee doelpunten die uiteindelijk resulteerde in een staande ovatie van het Madrileense publiek. En ook in 1973 was Ajax heer en meester in het Estadio Santiago Bernabeu, die wedstrijd waar Gerrie Mühren niet alleen het enige doelpunt maakte, maar het ook nodig vond om de Spaanse furie te temperen met een achteloos nummertje hooghouden om vervolgens de bal dood op z’n voet te leggen. Ik ben benieuwd of De Boer zo’n actie van, pak ‘m beet, Christian Eriksen als arrogant zou bestempelen, ik denk het niet.

Maar goed, die twee wedstrijden was Ajax niet bang en won het twee keer afgetekend. En dus staat de teller in Madrid tegen Real op twee winstpartijen en twee verliespartijen, want de allereerste keer dat Ajax naar de Spaanse hoofdstad toog om het tegen de koninklijke op te nemen werd namelijk verloren, 2-1, na verlenging. We nemen een duik in de geschiedenis en gaan terug naar de herfst van 1967.

Het is dat jaar de dertiende keer dat het toernooi om de Europa Cup voor landskampioenen werd gehouden. In de twaalf voorgaande edities heeft Real Madrid reeds zeven keer de finale gespeeld, waarvan er zes werden gewonnen en eentje -in het Olympisch Stadion- werd verloren. Ze hadden in Madrid dus dubbele gevoelens toen tijdens de loting voor de eerste ronde Ajax uit de koker kwam. Ajax had een seizoen eerder in datzelfde stadion Liverpool verpletterd (de beroemde mistwedstrijd) en Real had twee seizoen eerder nog geacteerd op het kickboksgala in de Kuip, waar een overtreding op Coen Moulijn resulteerde in gigantische schoppartij.

Dat Europacup seizoen had een dubieuze primeur: de UEFA maakte dat jaar een begin met de beïnvloeding van de toernooi reglementen met als doel de grote, rijke clubs te beschermen. Iets waar ze sindsdien ieder seizoen opnieuw doen. In het jaar 1967 werd voor het eerst een gestuurde loting gehouden om zo potentiële finalisten niet tegen elkaar te laten loten. Daarvoor werden clubs gekozen die eerder de finale hadden gespeeld, maar ook kregen clubs uit ‘sterke’ landen een voorkeursbehandeling. En aangezien Nederland (ook) toen niet tot de sterkste landen behoorde kon het gebeuren dat Ajax aan Real Madrid gekoppeld werd.

Het systeem van uit gescoorde doelpunten die eventueel dubbeltellen werd dat jaar ook ingevoerd en dus kon Real, ondanks de slechte voortekenen, met een gerust hart terugreizen naar Madrid. De wedstrijd in het Olympisch Stadion eindigde in 1-1.

En toen werd het 11 oktober 1967, de avond waar trainer Michels besloot om Ajax in een fantasie opstelling te laten spelen, 5-3-2, met Cruijff en Keizer in de voorhoede en Sjaak Swart als gelegenheids-rechtsachter. Het leek er op dat Ajax de wedstrijd behoedzaam in wilde gaan om zo de Spanjaarden te stoppen en te speculeren op een spaarzame uitbraak. Maar Real hoefde niet te komen en dus ontspon zich een draak van een eerste helft die nog ontsierd werd door de Spaanse aanvaller Gento die het nodig vond om Sjaak Swart in z’n liezen te bijten toen beide heren op de grond lagen.

Diezelfde Gento zette vroeg in de tweede helft ook nog z’n tanden in de score, 1-0, waardoor Ajax wel móest komen. En zo gebeurde het dat een ontketend Ajax op 1-1 kwam , doelpunt Groot, en Madrid onder druk zette. Helaas werd er niet meer gescoord en was een verlenging (ook een primeur) noodzakelijk.

In die verlenging scoorde de Madrilenen nog een keer waardoor de volgende ronde een feit was. Maar het was waarschijnlijk anders afgelopen als die 100% kans niet op gruwelijke wijze om zeep was geholpen. Nog weken is er over die kans nagepraat, een Franse taalvirtuoos heeft 99 versies geschreven over deze ene doelpoging. En zelfs een een officier van justitie heeft zich er mee bemoeit, met het volgende proces-verbaal als gevolg. Het is natuurlijk niet echt zo ingediend, maar ik kan je de tekst niet onthouden;
‘Verdachte Cruijff, Johannes Hendrikus, oud twintig jaar, ongehuwd, van beroep voetballer, wonende te Amsterdam, wordt ten laste gelegd dat hij op woensdag 11 oktober de avonds te 22.03 heeft verzuimd te scoren, althans het doelvlak te passeren, toen hem daartoe door Keizer, Petrus Johannes, de gelegenheid werd geboden. Verdachte Cruyff bevond zich op genoemd tijdstip volgens de getuigenverklaringen op plusminus tien meter afstand van genoemd doelvlak en op plusminus zeven meter van Junquera, voornamen Andres, Avelino, Zapico. Verdachte Cruijff heeft het hem ten laste belegde bekend. Als verzachtende omstandigheid kan worden aangemerkt, dat verdachte Cruijff wel een poging heeft gewaagd te scoren, althans het doelvlak te passeren, doch zijn poging zag mislukken door toedoen van meergenoemde Junquera.’


Laten we hopen dat het vanavond zonder bemoeienis van justitie afloopt en dat Frank de Boer zijn manschappen inderdaad met de borst vooruit het veld instuurt. Voor een netelige column in de Telegraaf hoeven we in ieder geval niet bang te zijn, we maken allemaal wel eens een foutje in Bernabeu!

Deze column werd eerder geplaatst op de website van de onafhankelijke AFCA Supportersclub

Reageer

reacties

Geen reacties

Plaats een reactie